Gezichtsveldonderzoek

Een gezichtsveldonderzoek bepaalt niet hoe scherp u ziet maar wel wát u allemaal ziet terwijl u uw blik fixeert op een vast punt. Met andere woorden het onderzoek geeft informatie over de vorm en grootte van het gezichtsveld en over bijvoorbeeld de grootte van de ‘blinde vlek’.  Als er delen van het gezichtsveld zijn uitgevallen, zoals bij glaucoom kan voorkomen, dan zal dat ook op het gezichtsveldonderzoek vaak goed te zien zijn. Veel aandoeningen geven gezichtsvelduitval. Voorbeelden hiervan zijn glaucoom, netvliesproblemen, aandoeningen van de bloedvaten van de oogzenuw enzovoort. Bij veel aandoeningen worden de gezichtsvelddefecten pas laat opgemerkt. Het is juist hierom dat we vaak al in een vroeg stadium van de aandoening dit onderzoek uitvoeren. Er zijn enkele verschillende methodes om het gezichtsveldonderzoek te doen. De keuze voor een bepaalde methode hangt af van de aandoening, de patiënt en het stadium van de aandoening. Het kan dus voorkomen dat u op verschillende manieren getest wordt.

Het onderzoek

Voor het goed slagen van het onderzoek is het belangrijk dat u zo comfortabel als mogelijk met uw kin in een kinsteun naar een fixatielichtje kijkt met één oog terwijl het andere is afgedekt. Dit doet u gedurende het gehele onderzoek. U kijkt in een verlichte halve bol waar lichtjes met verschillende sterkte worden getoond. Zodra u het lichtje ziet drukt u op een belletje. Op deze manier wordt het gehele gezichtsveld getest. Het onderzoek zal ongeveer een halfuur duren en is geheel pijnloos en pupilverwijdende druppels zijn niet nodig.